Over de capaciteit van de parkeergarage

In het kader van onderzoek of stimuleren van het gebruik van de parkeergarage afdoende is om te voorzien in de parkeerbehoefte voor de sportvelden in het Diemerpark, zijn in opdracht van Arcadis op 2 dagen dat er sportwedstrijden waren in het Diemerpark, op 6 momenten per dag, dus in totaal op 12 momenten, het aantal lege parkeerplaatsen in de garage geteld.

Op basis hiervan wordt in het Arcadis-rapport ‘Parkeerpilot Sportpark IJburg (Diemerpark)‘ het volgende geconcludeerd.

Huidige situatie

Op basis van de huidige situatie (2 sportvelden – red.) heeft de parkeergarage voldoende capaciteit om te voldoen als parkeervoorziening voor het sportpark.” (pag. 19)

Toekomstige situatie

Over de toekomstige situatie (6 sportvelden) schrijft Arcadis: “de parkeergarage heeft nagenoeg onvoldoende capaciteit om te voldoen als parkeervoorziening voor het sportpark.” (pag. 19)

Wat is ‘nagenoeg onvoldoende’? Dat is toch ‘net voldoende’?

Welnu, gebaseerd op de onderzoeksresultaten van Arcadis, is de volgende stelling gerechtvaardigd:

In het slechtste scenario, dat zich zeer waarschijnlijk nooit voor zal doen, namelijk dat er op alle 6 sportvelden in het Diemerpark competitie-wedstrijden zijn en dat alle bezoekende verenigingen van ver buiten IJburg komen en dat er dan toevallig net veel winkelende mensen hun auto in de parkeergarage hebben gezet…
zullen er toch nog 4 plaatsen in de parkeergarage leeg zijn.

Uitgaande van een acceptabele bezettingsgraad van 95% betekent dit een tekort van 3 parkeerplaatsen. (Bij een hogere bezettingsgraad treedt onwenselijk ‘zoekgedrag’ op.)

Maar…

Op pag. 20 schrijft Arcadis dan weer dat de parkeergarage onvoldoende capaciteit zou hebben om te voldoen als parkeervoorziening voor het sportpark.
Hiervoor worden de volgende argumenten aangevoerd:
1. de weekmarkt zal populairder worden,
2. een “groot deel” van de bezoekers is niet bereid te parkeren in de parkeergarage,
3. “het is aannemelijk dat na de uitbreiding van het sportpark meer straten te maken krijgen met foutparkeerders“.
Deze argumenten worden door Arcadis niet met cijfers onderbouwd.

Hier is het volgende tegenin te brengen:
1. Dat de weekmarkt populairder wordt, betekent niet automatisch dat er meer in de parkeergarage geparkeerd wordt.
2. Staat de niet-bereidheid van bezoekers om in de parkeergarage te parkeren in redelijke verhouding tot de overlast door autoverkeer voor niet-sportveld gebruikers van het Diemerpark?
3. Moeten foutparkeerders niet eerder een boete krijgen dan een riante parkeerplek in een natuurpark?

Conclusie

Omdat er in het slechtste scenario 3 parkeerplaatsen in de parkeergarage te weinig zullen zijn, zou er in de Hoofdgroenstructuur Diemerpark voor veel geld een parkeerplaats voor 62 auto’s aangelegd moeten worden, waardoor autoverkeer op de ‘Oeverzeggestraatbrug’ en in het Diemerpark geïntroduceerd wordt met permanente gevolgen voor de verkeersveiligheid voor wandelaars en fietsers, de toegankelijkheid voor nood- en hulpdiensten t.b.v. de sportvelden in het Diemerpark, de natuurwaarden in en rond ‘de Batterij’ en de ‘parkbeleving’ van IJburgers en Diemenaren.

Verder

We hebben aanwijzingen dat er gegevens in het onderzoeksrapport van Arcadis niet correct zijn, waardoor er onterechte conclusies zijn getrokken. Wij hebben daarom inzage gevraagd in alle onderliggende cijfers en enquête-formuleren van het onderzoek.
Inmiddels hebben we de gegevens gekregen en hebben we het onderzoek van Arcadis diepgaand kunnen analyseren.

Advertenties

Auto’s horen niet in een stadspark

(Het Parool 07-03-2013)

Stadsdeel Amsterdam Oost wil in het hart van het Diemerpark groen opofferen voor parkeerplaatsen. Dat leidt tot gevaren, overlast en vervuiling, zegt een groep liefhebbers van het park. Binnenkort vergadert de deelraad over het onderwerp. 

Stadsdeel Amsterdam-Oost heeft het plan opgevat bij de sportvelden in het Diemerpark tot ruim 100 parkeerplaatsen aan te leggen. Dit voornemen druist in tegen de door de gemeente gedane belofte om van IJburg een autoluwe en groene wijk te maken.

Bovendien ondermijnt het plan de veiligheid van fietsers en voetgangers, schaadt het de met veel moeite gecreëerde natuur in het Diemerpark en levert het voor de bezoekers van de sportvelden nauwelijks voordeel op.

IJburg is een jonge stadswijk met een roerige geschiedenis. In 1997 was de bouw van IJburg inzet van een referendum onder de Amsterdamse bevolking. Natuurliefhebbers waren destijds fel gekant tegen de bouw van de nieuwe wijk. Zij werden tijdens het referendum gesteund door de bevolking. Ruim 130.000 mensen stemden tegen de bouw van IJburg, ruim 90.000 stemden voor. Toch ging de bouw van IJburg door, omdat de tegenstanders niet het vereiste aantal van 154.935 stemmen haalden.

De gemeente kwam de tegenstemmers tegemoet. IJburg werd een autoluwe wijk, met veel aandacht voor natuur. Nu dreigen de mensen die kozen voor IJburg als groene wijk alsnog in de kou te worden gezet. Het stadsdeel Oost wil in het hart van het IJburgse Diemerpark – ooit een gifbelt, maar inmiddels een bijzonder natuur- en recreatiegebied met zeldzame diersoorten zoals ijsvogels, ringslangen, vossen en blauwborsten – groen opofferen voor parkeerplaatsen. Volgens het stadsdeel zijn die nodig om de in het park gelegen sportvelden beter toegankelijk te maken. In sommige scenario’s wordt gesproken van 117 plaatsen.

De plannen voor een parkeerterrein negeren de gevaren, de overlast en de vervuiling die dat oplevert voor de vele fietsers, wandelaars (met en zonder hond), skaters, hardlopers, spelende kinderen, vogelspotters en andere gebruikers van het Diemerpark. Zo hebben ambtenaren bedacht dat de auto’s over het Dick Hilleniuspad naar de parkeerplaatsen bij het sportveld moeten rijden: over een wandelpad en de belangrijkste doorgaande fietsroute voor vele (vooral jeugdige) IJburgers. De fietsroute naar de stad over de Nesciobrug is de navelstreng van IJburg.

Ook zouden de auto’s vlak langs een uitrenplaats voor honden gaan rijden. Je vraagt je af of degenen die zo’n plan verzinnen überhaupt wel eens in het park hebben rondgekeken!

Tegenover de overlast die de parkeerplaatsen voor de vele dagelijkse gebruikers van het Diemerpark met zich mee zal brengen staat een buitengewoon magere motivatie: een sportfaciliteit “behoort voorzien te zijn van parkeervoorzieningen voor bezoekers” (Toelichting plan stadsdeel Oost).

Het is een oplossing voor een probleem dat niet bestaat, want er ZIJN parkeerplaatsen voorhanden. Op ongeveer 10 minuten lopen van de sportvelden ligt – onder het winkelcentrum IJburg – een ruime parkeergarage waar genoeg plaatsen leeg staan. Voor spelers en supporters van bezoekende clubs betekent het dat ze hooguit twee keer per jaar als zij in IJburg een uitwedstrijd spelen twee keer 10 minuten van en naar het sportveld moeten lopen. Dat kan voor sportief ingestelde mensen toch geen onoverkomelijk probleem vormen? Overigens lopen de bezoekers die per tram arriveren dat stukje ook, want de dichtstbijzijnde tramhalte ligt vlak naast de parkeergarage. Gaan er daarom ook stemmen op om in het park een extra tramhalte aan te leggen? Nee, natuurlijk niet.

Voor alle duidelijkheid: wat ons betreft zijn de bezoekers en gebruikers van de sportvelden van harte welkom. Ze kunnen echter niet verwachten dat de belangen van alle andere gebruikers van het park aan de kant worden geschoven, alleen maar om sportveldbezoekers twee maal per jaar een wandelingetje te besparen.

Geen enkel Amsterdams stadspark is voor auto’s toegankelijk. Een eventueel besluit om het Diemerpark wel voor autoverkeer open te stellen, kan daarom een gevaarlijk precedent scheppen. Wij roepen het stadsdeel op om veiligheid, rust, natuur en schone lucht zwaarder te laten wegen dan het “recht” om altijd voor de deur te mogen parkeren.

Kees Lakerveld en Jacobiene Ritsema, vereniging ‘Vrienden van het Diemerpark’
Jupijn Haffmans, directeur van ‘De Gezonde Stad’
Martin Melchers, stadsecoloog en auteur van Van Eiburg tot IJburg
Gerrit Faber, Fietsersbond Amsterdam