Partij voor de Dieren: “GEEN AANTASTING VAN HET ‘GROEN’ IN DE STAD”

94 Partij voor de Dieren -4

De Partij voor de Dieren is een landelijke politieke partij, maar was (en is) niet vertegenwoordigd in het bestuur van stadsdeel Amsterdam Oost. Daardoor kon deze partij niet mee stemmen over het voornemen om een parkeerterrein in het Diemerpark aan te leggen. De partij is wél vertegenwoordigd in de gemeenteraad (centrale stad). Tijdens diverse bijeenkomsten, zoals commissievergaderingen, liet de partij zich duidelijk horen. De partij verzet zich actief tegen “verpretparkizering” van parken en natuur.

“De kwetsbare natuur in en rond de stad moet beschermd worden. Het Diemerpark is een belangrijke locatie in de Amsterdamse Hoofdgroenstructuur en maakt deel uit van de ecologische verbindingszone tussen Noord-Holland en de Flevopolders. Daarom is dat geen geschikte locatie voor een omvangrijk sportterrein met zes velden en bijbehorende voorzieningen. En autoverkeer hoort natuurlijk al helemaal niet in een natuurpark.”

De Partij voor de Dieren vindt het Zeeburgereiland of IJburg 2e fase een veel betere locatie voor sportvelden dan het Diemerpark.
De partij vindt dat er niet lichtzinnig afgeweken mag worden van afspraken die vastgelegd zijn in de ‘Structuurvisie Amsterdam 2040’. Dit is een belangrijk beleidsdocument van de gemeente waarin duidelijk staat wat er wel en niet in parken mag gebeuren. De partij heeft het college van B&W al enkele keren kritische schriftelijke vragen gesteld over de ontwikkelingen in het Diemerpark, en zal dat blijven doen.

Advertenties

SP: “NIET PARKEREN IN EEN PARK!”

91 SP

“Auto’s horen niet in een park. Wij zijn tegen de aanleg van een parkeerterrein voor bezoekers van de sportvelden in het Diemerpark.” Meteen tijdens de allereerste vergadering over de mogelijke aanleg van een parkeerterrein in het Diemerpark nam de SP dit heldere standpunt in. De partij is daar nooit van afgeweken.

Recent nog, in december 2014, bij de vaststelling van het inrichtingsplan voor het sportterrein in het Diemerpark heeft de SP als enige fractie in de Bestuurscommissie er nog voor geijverd dat er geen parkeerterrein wordt aangelegd. Als belangrijkste argument daarvoor noemde de woordvoerder dat twaalf minuten lopen van de parkeergarage onder het winkelcentrum naar het sportterrein in het Diemerpark echt niet te veel is, zeker omdat dat maar een enkele keer per jaar hoeft te gebeuren.

De SP heeft zich laten kennen als een partij die echt luistert naar de bevolking. “Op de brug tussen het park en de Oeverzeggestraat op IJburg ontstaan onveilige situaties als daar auto’s in twee richtingen tussen fietsende kinderen door moeten rijden.” Deze noodkreet, door diverse bewoners uitgesproken tijdens commissie- en raadsvergaderingen, werd door de SP als één van de weinige fracties serieus genomen.

 

 

 

HOE ‘GROEN’ IS GROENLINKS?

3 met LinksGroen

“Parkeren voor de sportvelden kan in de parkeergarage onder het winkelcentrum.”
Dat was de aanvankelijke duidelijke stellingname van GroenLinks: gezien het verkiezingsprogramma van deze partij, begrijpelijk en logisch. Maar toen er een besluit genomen moest worden, begon de partij te zwalken.

Voornaamste probleem waren de PvdA en D66, die met GroenLinks het dagelijks bestuur van het stadsdeel vormden. Eerstgenoemde twee partijen waren vóór de aanleg van een parkeerterrein in het Diemerpark, net als oppositiepartij VVD. Samen hadden die drie partijen een (kleine) meerderheid in de raad.
GroenLinks moest kiezen: vasthouden aan het eigen ‘groene’ standpunt of loyaal zijn aan de coalitiepartners, maar dan proberen de schade zoveel mogelijk te beperken. Dat laatste hield in: wél instemmen met het bestemmingsplan dat autoverkeer in het park mogelijk maakte, maar dan (als compromis) zo weinig mogelijk parkeerplaatsen.
Er bleken er forse meningsverschillen in de partij te bestaan. Drie raadsleden stapten uit de zeven personen tellende fractie. Eén daarvan bleef in de raad en vormde een éénvrouwsfractie. Zij spande zich tot het uiterste in om de aanleg van een parkeerterrein in het park tegen te houden.

Alle fractieleden – op één na, die de aanleg van een nieuw parkeerterrein onnodig vond – kozen uiteindelijk voor aanleg van een parkeerterrein net buiten het park.

Onze conclusie: GroenLinks, je weet niet wat je er aan hebt.

 

PvdA: “SPORTERS KUNNEN NIET LOPEN!”

4 met kruis PvdA “We kunnen het sportveldbezoekers niet aandoen om 12 minuten te lopen tussen de parkeergarage onder het winkelcentrum van IJburg en het sportterrein”. Dit was de mening van de PvdA in vergaderingen die gingen over de aanleg van een parkeerterrein in het Diemerpark. “Vlak naast sportvelden hóórt een parkeerterrein, ook als dat in een park is”. Dat de beleving van de natuur in het park en de veiligheid van met name fietsers door autoverkeer bedreigd wordt, speelde voor de partij geen rol. 

Omdat de loopafstand misschien toch een wat te ‘dun’ argument is, beriep men zich ook op een onderzoek, door Arcadis bv, dat zou uitwijzen dat er in de parkeerparage onvoldoende plaats zou zijn voor alle bezoekers van het sportterrein. Het was een belabberd onderzoek, maar de PvdA hield zich doof voor kritische opmerkingen daarover.

Inmiddels blijkt in de praktijk dat de voorspelling van Arcadis over de parkeergarage niet uitkomt en dat de parkeergarage wel degelijk groot genoeg is, ook als het vijfde en zesde sportveld in het Diemerpark zal zijn aangelegd. De vrees voor chaotische verkeerssituaties in de woonwijk als er geen nieuwe parkeerplaats voor de sportveldbezoekers wordt aangelegd, lijkt vooralsnog ook ongegrond.    

VVD: “PARKEREN IS PRIMAIRE LEVENSBEHOEFTE”

98 met kruis VVD

“Zo veel mogelijk parkeerplaatsen en zo snel mogelijk aanleggen”. Dat was bij alle discussies over de aanleg van een parkeerterrein in het Diemerpark de insteek van de VVD. De VVD had aanvankelijk wel problemen met auto’s in het park: “Auto’s in het Diemerpark toelaten op de fietspaden is vanuit verkeersveiligheidsoogpunt niet wenselijk.” De partij pleitte daarom in een persbericht voor de aanleg van een parkeerterrein bij het Amsterdam-Rijnkanaal.
Daar bleek zich echter een belangrijke ecologische verbindingszone te bevinden.
Toen duidelijk werd dat in verband met milieuwetgeving, de realisatie van een parkeerterrein op die plek daarom wel eens lang zou kunnen duren, werd die oplossing schielijk losgelaten en ging de partij toch zonder bedenkingen akkoord met de aanleg van een parkeerterrein in het park.

De zorg van de VVD is vooral dat 42 parkeerplaatsen niet genoeg zijn. Bij de laatste openbare vergadering over dit onderwerp stelde de woordvoerder daarom voor om het bestemmingsplan open te breken om een groter parkeerterrein mogelijk te maken.
Voor het beschermen van de natuur, natuurparkbeleving en verkeersveiligheid moet je niet bij de VVD zijn.

D66: “DEMOCRATIE IS MOOI ALS HET ONS UITKOMT”

Locatie 1a juli 2013 met kruis D66 D66 Amsterdam ziet parken primair als een uitgelezen plek voor festivals en evenementen. Kort samengevat: “Parken moeten zoveel mogelijk economisch uitgebuit worden.” Dat er ook waardevolle en gewaardeerde natuur in parken voorkomt, beschouwt D66 als een hinderlijk obstakel. Van meet af aan was duidelijk dat het plan voor de aanleg van parkeerplaatsen in het Diemerpark, vanwege de achteruitgang van de natuurbeleving en verkeersveiligheid, omstreden was. Daarom gaf D66 steun aan het besluit van de  stadsdeelraad om opdracht te geven aan een ‘extern’ bureau om samen met de bevolking te zoeken naar alternatieve locaties voor een parkeerterrein. Tot verbijstering van met name D66-politici werd die gevonden: aan de kop van de Oeverzeggestraat. Waar D66 ook niet op gerekend had, was dat het externe bureau een meningspeiling onder de bevolking had georganiseerd. Die representatieve peiling wees uit dat verreweg de meeste mensen liever een parkeerterrein op die alternatieve locatie wilden dan in het Diemerpark. Omdat D66 die uitslag niet wenselijk achtte, vond de D66-woordvoerder (thans gemeenteraadslid) dat het stadsdeelbestuur die peiling had moeten tegenhouden. D66 ontpopt zich zo meer en meer zelf als een regentenpartij, waar men bij de oprichting van de partij zo tegen in opstand kwam.